Auriculotherapie

De nervus auricularis 

Hoewel de akten nog niet gesloten zijn wat betreft de innervatie van het oor, kan men stellen dat de nervus vagus (ramus auricularis) de concha van het oor innerveert. De nervus auricularis magnus (een afsplitsing van de plexus cervicalis) innerveert de helix, terwijl een tak van de nervus trigeminus (nervus auriculotemporalis) zorgt voor het ertussen liggende deel (antitragus, tragus en het bovenste deel van de helix). Evenals er in de gyrus praecentralis, de thalamus en andere delen van het centrale zenuwstelsel een somatotopische organisatie aanwezig is, zo kan men dit ook vermoeden in de zenuwen die het oor innerveren. 

Men vindt dan ook op het oor een projectie van het hele lichaam. Het gemakkelijkst kan men de projecties onthouden, wanneer men een op zijn kop staande foetus geprojecteerd denkt op het oor. De helix is het reflexgebied van het ruggenmerg en de hersenen vindt men in de oorlel afgebeeld. Het gebied dat door een tak van de nervus trigeminus wordt voorzien is de reflexzone van de wervelkolom en de ledematen. Op deze wijze kan men elk onderdeel van het lichaam als reflexzone op het oor terugvinden. Experimenteel heeft Nogier deze reflexzones gevonden door prikkeling van een deel van het lichaam, daarbij steeds registrerend welk punt van het oor pijnlijk werd. Op deze manier ontwierp hij een topografie van het oor, welke in het klein het hele lichaam weerspiegelt. 



Contact