Bedevaarten

Belangrijke bedevaartplaatsen 

Van de duizenden bedevaartplaatsen is voor Nederlandse zieken Lourdes de belangrijkste. Nederlandse organisaties regelen ook bedevaarten naar onder andere: Fatima  (Portugal), Santiago de Compostela (Spanje), Banneux (België) en Kevelaar (Duitsland). Deze bedevaartbestemmingen worden hierna uitgewerkt, waarbij de meeste aandacht uitgaat naar Lourdes. Daarnaast zijn er tientallen Nederlandse bedevaartsplaatsen die door pelgrims en zieken worden bezocht. Een aantal daarvan wordt kort besproken.

Lourdes. Maria verscheen in 1858 aan de molenaarsdochter Bernadette Soubirous. De verschijningen vonden plaats in een grot. In totaal waren er achttien verschijningen en steeds meer nieuwsgierigen waren daar getuige van. Tijdens een van deze verschijningen werd Bernadette gewezen op een bron en ze kreeg de opdracht om op deze plaats een kapel op te richten. Bernadette overleed in 1879 en werd in 1933 heilig verklaard. Door het water van de bron zouden talrijke mensen zijn genezen. Gedurende de zes tot acht dagen dat men in deze bedevaartplaats verblijft, woont men verschillende missen bij.

Men bezoekt het Lac de Lourdes en loopt de kleine kruisweg. De grote kruisweg is te zwaar voor de meeste zieken. Het hoogtepunt is de begroeting in de grot waar Maria verscheen aan Bernadette. Men raakt de rotswand aan met handen of lippen en men bewondert het Mariabeeld in de grot. De meesten steken een kaars aan. Hier is ook de bron die sedert de verschijningen van Maria is ontsproten. De bron levert 120.000 liter water per dag. Aan de kraantjes bij de grot drinken mensen Lourdeswater en vullen flessen om mee naar huis te nemen.

Voor veel mensen is ook het meemaken van de lichtprocessie en de sacramentsprocessie een grote gebeurtenis. Dagelijks is er na de sacramentsprocessie een ziekenzegening. Onderdompeling in het heilige water gebeurt op eigen verzoek en alleen met toestemming van de begeleidende arts. Men hoopt op genezing maar vooral op kracht om ziekte of psychische leed te dragen. Verder is er voor zieken en gezonden een speciale plechtigheid met handoplegging. Lourdes beschikt over een groot aantal faciliteiten voor zieken, waaronder meerdere moderne ziekenverblijven.

FatimaIn 1917 verschijnt Maria meerdere malen aan drie kinderen in een gehucht bij Fatima in Portugal. Van de zesde verschijning waren 20.000 mensen getuige. Ze zagen een lichtkogel zweven en er vielen witte vlokken uit de hemel. Er werd een kapel opgericht op de plaats van de verschijningen en er ontstond een stroom van tienduizenden bedevaartgangers. Twee pausen bezochten het pelgrimsoord. Het middelpunt van de bedevaart is de Rozenkranskerk. Aan het plein eromheen bevinden zich talrijke ziekenverblijven en meditatieruimten. Vanuit Nederland gaan meerdere bedevaarten per jaar naar Fatima. Jaarlijks bezoeken anderhalf miljoen mensen deze bedevaartplaats.

Santiago de CompostelaDe legende vertelt dat stoffelijke resten van de apostel Jacobus vanuit Jeruzalem met een onbestuurd schip binnen zeven dagen aankwamen op de Spaanse kust. De verering van de heilige Jacobus start in de negende eeuw. Er waren verschillende pelgrimroutes die naar Santiago leidden. De meeste daarvan zijn nog steeds intact. Behalve met trein, bus en vliegtuig gaan jaarlijks honderden Nederlanders via eeuwenoude pelgrimroutes te voet of per fiets naar Santiago.

Banneux. Dit is een plaatsje in de Belgische Ardennen. In 1933 verscheen Maria acht keer aan het elfjarige meisje Mariette Beco. Maria wijst Mariette een bron waarvan het water is bestemd voor zieken uit alle landen. Nog in hetzelfde jaar wordt op de plaats van de verschijningen een kapel gebouwd. De Maria-verering in Banneux kent een stormachtige groei. Het plaatsje groeit uit tot het ‘Lourdes van België’. Vooral zieken, in de hoop op genezing, bezoeken deze bedevaartplaats. In de kapel herinneren achtergelaten krukken en andere hulpmiddelen aan wonderbaarlijke genezingen. Belgische wielrenners vullen hun bidons met water uit de heilige bron. Ook vanuit Nederland worden meerdere bedevaarten naar Banneux georganiseerd. Zieken worden in bedden en brancards over het complex gereden. Jaarlijks bezoeken 400.000 bedevaartgangers deze plaats.

Kevelaar. Dit is een middelgrote stad in Duitsland, net over de grens bij Nijmegen. Het verhaal over deze bedevaartplaats gaat terug tot halverwege de zeventiende eeuw. In 1641 krijgt de marskramer Hendrick Busman via een stem uit de hemel opdracht een kapel te bouwen op een kruispunt van wegen. Tegelijkertijd komt zijn vrouw in het bezit van een bijzondere prent met daarop de voorstelling van Maria en haar kind Jezus. Deze twee verhalen hebben geleid tot een bijzondere verering voor de plek waar de kapel is gebouwd en waar de prent zich bevindt. Er kwam een grote stroom pelgrims op gang. Zij droegen vaak votieven mee in de vorm van ogen, handen, nieren en dergelijke, al naar gelang de gewenste genezing. Er komen jaarlijks zo’n 800.000 bezoekers naar de stad. Vanuit Nederland worden jaarlijks nog altijd tientallen bedevaarten naar Kevelaar georganiseerd.

Heiloo. Volgens de overlevering zou Sint Willibrord hier met zijn staf op de grond hebben geslagen, waarna een bron ontstond. Dit werd later de ‘Willibrordusput’ genoemd. Het water wordt gedronken ter genezing van allerlei ziekten, met name longziekten. Heiloo wordt jaarlijks door 70.000 mensen bezocht.

VolendamIn 1985 kwamen er berichten over verschijningen van Maria en Jezus aan de Volendamse huisvrouw Hille Kok. In 1993 werd in het Boelenspark een kapel gebouwd ter ere van Maria. Het Mariabeeld kreeg landelijke bekendheid, omdat er bloed en tranen op Maria’s gezicht werden aangetroffen. Uit onderzoek bleek dat het om menselijk bloed ging. Honderden mensen bezoeken de kapel. Verschillende mensen zouden zijn genezen.

Schiedam. Lidwina Jansen leefde van 1380 tot 1433. Als vijftienjarig meisje viel zij op het ijs. Tengevolge van de val was ze achtendertig jaar ziek. Tijdens haar heldhaftig gedragen ziekte was zij voor velen een troost en bemoediging en kon zij raadzoekenden en zieken helpen. Ze werd na haar dood als heilige vereerd en in 1890 werd dat door Rome goedgekeurd. Ze wordt beschouwd als beschermvrouwe van alle zieken. In 1990 heeft de Paus de kerk waar de relikwieën van de heilige Liduina worden bewaard, tot basiliek verheven. Jaarlijks komen er duizenden mensen/zieken naar de basiliek van Schiedam. Er is een bedevaart op de tweede zondag na Pasen.

Renkum. Dit was een van de bekendste bedevaartsoorden in de Middeleeuwen. Centrum van verering is een Mariabeeldje (met Jezus, zittend op een troon) dat al in 1380 wordt beschreven. Door de toenmalige hertogen van Gelre werd het beeldje met geschenken overladen. Met de Hervorming verdween het beeldje om pas weer in 1928 terug te keren. Sindsdien zijn er weer regelmatig bedevaarten naar Renkum. Op de laatste dinsdag van mei is er een speciale ziekenbedevaart.

Roermond. Kapel in ‘t Zand. Een herder vond een Mariabeeldje in een put. Hij plaatste het beeldje in een boom. Diverse wonderen vonden plaats. Hoewel de pastoor van Roermond het beeldje naar de stadskerk liet brengen, was het de volgende dag weer terug op de plek bij de put. Dit wonder was aanleiding tot het bouwen van een kapel in 1418. Op dezelfde plaats werd in 1613 en 1895 een nieuw heiligdom opgericht. Hoewel het aantal bedevaartgangers sinds 1960 duidelijk is afgenomen, komen er jaarlijks nog 20.000 bezoekers. Voor een deel zijn het zieken die zoeken naar genezing.

Sittard. Basiliek van Onze Lieve Vrouwe van het Heilig Hart. Marie Verheggen slikte in 1866 tijdens naaiwerkzaamheden een naald in. Ten einde raad hingen de zusters Ursulinen het meisje een medaillon om van onze Lieve Vrouwe van het Heilig Hart en riepen bijstand van Maria in. Het meisje spuugde de naald uit zonder verwondingen. Door het wonder met de naald kwamen steeds meer bedevaartgangers naar Sittard, waar inmiddels een Mariabeeld was geplaatst. De toeloop was zo groot dat een nieuwe kerk moest worden gebouwd. Deze werd in 1883 als eerste in Nederland door de Paus tot basiliek verheven. Jaarlijks zijn er zo’n 25 bedevaarten naar dit heiligdom.

Wittem. Deze bedevaartplaats staat in het teken van de verering van Gerardus Majella (1726-1755), beschermheer van moeders en kinderen. Zijn verering startte in 1893 na zijn zaligverklaring. Er kwamen verschillende relikwieën. Uit heel Nederland gingen bedevaartgangers naar het kloostercomplex van Wittem. Na 1960 nam de stroom pelgrims langzaam af. Toch bezoeken jaarlijks nog zo’n 200.000 mensen Wittem, waarvan 10.000 in georganiseerd verband. 



Contact