Kuuroorden/hydrotherapie

Kuurprogramma's 

Kuuroorden bieden uiteenlopende kuurprogramma’s, ook wel kuurbehandelingen genoemd. De behandelingen vinden meestal plaats in een periode van drie weken. Kuren kan in Nederland of in het buitenland (meestal Duitsland, Oostenrijk, Hongarije, Roemenië, Slowakije, Tsjechië en Slovenië). Een kuurprogramma omvat minimaal: baden in thermaal water (water uit een bron van minimaal 32°), oefentherapie (in water en op het droge) en ontspanning. Naast deze basiselementen van een kuur zijn er voor elk kuuroord variërende aanvullende behandelingen: allerlei soorten baden, begietingen, ademhalingstherapie, elektrotherapie, massage en acupunctuur. Voedings- en dieetadviezen zijn in veel kuuroorden een belangrijk onderdeel van het programma.

Aandoeningen waarmee men naar een kuuroord gaat betreffen vaak klachten van het bewegingsapparaat, reumatoïde artritis, ziekte van Bechterew, artrose, fibromyalgie. Maar ook: psoriasis, sclerodermie en dergelijke. Diverse kuuroorden zijn de laatste jaren gespecialiseerde reuma- en revalidatieklinieken geworden. Ze blijken patiënten goedkoper te kunnen behandelen dan ziekenhuizen. In Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Tsjechië en Roemenië maken veel mensen gebruik van kuuroorden zonder ziek te zijn. Sinds de jaren tachtig is er een ‘health en beauty’-industrie ontstaan. Gezonde mensen willen fit en mooi blijven. Deze groep mensen vormt voor sommige kuuroorden dan ook een belangrijke klantenkring. Mensen kunnen individueel een kuuroord bezoeken. Meestal gebeurt dit echter via groepsreizen met een gespecialiseerde reisorganisatie (zie onder adressen). De Reumapatiëntenbond publiceerde in 1997 een kwaliteitsonderzoek van de belangrijkste kuuroorden voor de Nederlandse patiënt. 

De belangrijkste behandelingen in kuuroorden en begrippen uit de hydrotherapie worden hierna besproken.

Wrijfbehandeling (Abreibung). Dit is een behandeling waarbij men het lichaam geheel of gedeeltelijk met een natte doek bedekt, waarna men met de vlakke hand met lange krachtige streken het lichaam zo masseert, dat de doek warm aanvoelt. De behandeling kan zich beperken tot de ledematen, de romp, het onder- of bovenlichaam. Indicaties zijn: infecties, luchtwegaandoeningen en circulatiestoornissen.

Afwassingen. Hieronder verstaat men het wassen van een gedeelte of het gehele lichaam met een opgevouwen doek, die steeds in het koude water wordt gedoopt, opdat de doek niet de temperatuur van de hand zal aannemen. Men kan deze behandeling éénmalig toepassen, maar ook in serie, waarbij men vier tot zes wassingen doet met rustpauzes van een halfuur. Bij het toepassen van koudwaterbehandelingen zoals hier het geval is, moet het lichaam warm zijn. Rillende mensen mag men niet met koud water behandelen. Een indicatie is onder andere harding.

Pakkingen. Hierbij wordt de patiënt geheel (uitgezonderd het hoofd) of voor driekwart in een koud nat laken gewikkeld. Daaromheen komt een droog laken en als buitenste laag dient een wollen deken. Men kan op deze manier warmte aan het lichaam onttrekken. Door warmtestuwing wordt het stofwisselingsproces gestimuleerd. Ook de zweetsecretie kan worden opgevoerd. Welke van deze drie werkingen wordt verkregen, hangt af van de natheid van de pakking en de inwerkingsduur. Er bestaan ook droge pakkingen. Hierbij laat men het natte laken weg.

Wikkels. Dit zijn pakkingen maar dan van kleiner formaat, dus kleiner dan de driekwart pakking. Het principe is verder hetzelfde als bij de pakkingen. Men onderscheidt onder andere wikkels voor de romp, de borst, de hals, de armen, de kuiten. Men gebruikt hiervoor een linnen doek of een laken met daaromheen een flanellen of molton doek.

Kompressen. Dit zijn omslagen van klein formaat. Naast de hete kompressen kent men dampkompressen. Een handdoek wordt in kokend water gehouden en licht uitgedrukt tussen twee deksels, en in een flanellen doek gewikkeld. Dit geheel wordt op de pijnlijke plek gelegd. Indicaties zijn: spasmen, kolieken, neuralgieën en enteritiden.

De hooizak. In de hydrotherapie volgens Kneipp heeft de hooizak een vaste plaats gekregen. Hooi wordt in een grote jute zak gedaan, die zo groot is als men nodig heeft. Het hooi plus zak wordt met damp verhit en zo warm mogelijk met een doek ertussen op de bewuste plaats gelegd. Indicaties zijn: chronische ontstekingen, gal- en niersteenaanvallen en reumatische klachten.

Peloïden. Geneeskrachtig aan de peloïden is een anorganische of organische stof, die door geologische processen is ontstaan. Deze komt in de natuur voor in een fijnkorrelige toestand of kan door wassen in fijnkorrelige toestand worden gebracht. Het wordt in de geneeskunde in de vorm van modderbaden of inpakkingen toegepast en ook wel aangeduid als ‘aardetherapie’. De gezondheidsbadplaatsen zijn verplicht hun natuurlijke geneeskrachtige bronnen of venen regelmatig te analyseren en deze analyse bekend te maken. Het aantal dominerende ionen bepaalt het karakter van een gezondheidsbron. Op de voorgrond staan natrium-,magnesium- en calciumverbindingen. Verder zijn er veel sulfaat- en carbonaatverbindingen. Door de verschillende verbindingen die in de peloïden aanwezig zijn radioactief te labelen, heeft men aan kunnen tonen dat de verbindingen niet alleen op de huid inwerken, maar ook door de huid heen gaan en zich over het lichaam verdelen. Naast de chemische werking hebben de peloïden een thermisch effect. Modder geeft de warmte langzamer af dan water en houdt de warmte ook langer vast. Ook is er sprake van een mechanische werking door de druk en de consistentie van de modder. De temperatuur van de modderbaden en pakkingen ligt rond de 39°. Voor de behandeling met peloïden thuis bestaan speciale modderkompressen. De indicaties zijn: reumatische klachten, vrouwenziekten, distorsies en contusies van gewrichten, resorptie van exsudaten.

Fangotherapie. Fango is vulkanisch tufstof, dat in de Eifel en in Italiaanse meren voorkomt. Het op de bodem van het meer gezonken slik wordt gedroogd, gemalen en gereinigd. Het aldus verkregen poeder kan worden vermengd met water of paraffine-oliën. Het product wordt als parafango of fangoparaffine in de handel gebracht. Fangotherapie is geïndiceerd bij alle aandoeningen die een langdurende warmtebehandeling vereisen.

Paraffinepakkingen. Paraffine is eveneens een slechte warmtegeleider. Ze geeft de warmte langzaam af aan het lichaam. Ze houdt de lichaamswarmte vast, doordat ze deze warmte ook langzaam opneemt. Paraffinepakkingen kunnen de warmte verscheidene uren vasthouden. Men smelt paraffine (het smeltpunt ligt bij 52°-54°) en kan haar op de huid aanbrengen met een penseel. Ook kan men de paraffine in een plastic zak gieten die een gewricht omgeeft. Een moderne variant die in Nederland in een aantal gespecialiseerde instituten wordt toegepast, is de Parapacktherapie. Hierbij wordt een mengsel van paraffine en wassoorten gebruikt. Het is een schuim dat met een zachte borstel over het hele lichaam wordt opgebracht. Het schuim, dat geen water bevat, wordt na twintig minuten verwijderd, waarna de patiënt opnieuw gedurende twintig minuten in dekens wordt gewikkeld waardoor een sterke zweetproductie op gang komt. Indicaties zijn onder andere: gewrichtsklachten, migraine, astma, huiduitslag en hypertensie.

Begietingen. De Kneippse begietingen zijn nog steeds een begrip in de hydrotherapie. Onder een begieting verstaat men een waterstraal, die zich als een mantel over het huidoppervlak verdeelt. Er mag geen hoge druk achter de straal zitten en deze mag ook niet worden onderbroken tijdens de begieting. Oorspronkelijk gebruikte men een kan, tegenwoordig veelal een slang. De begietingen gebeuren met koud of warm water. Ook wisselbegietingen vinden plaats. Er zijn kniebegietingen en beenbegietingen, met als indicatie onder andere perifere circulatiestoornissen, portastuwing, migraine, hypertensie en vermoeidheid in de voeten. Er zijn rugbegietingen met als indicatie oefening van de ademhaling, verbetering van de bloedsomloop en tonisering bij houdingszwakte. Armbegietingen zijn geïndiceerd bij angina pectoris, paresthesieën en verlammingen. Verder bestaan er schouderbegietingen, borstbegietingen, oogbegietingen, gezichtbegietingen en totale begietingen, met elk hun eigen indicatiegebied.

Waterstraalbehandeling (Blitz-begieting). De druk van de koude waterstraal varieert van één tot drie atmosfeer overdruk. Men heeft evenals bij de begietingen behandelingen voor het onderbeen, het gehele been en het gehele lichaam. Indicaties voor de beenwaterstraalbehandeling zijn reumatische spier- en gewrichtsaandoeningen en chronische ischiasklachten. Indicaties voor een algehele behandeling zijn: sterke gevoeligheid voor verkoudheden.

Onderwaterstraalmassage. Dit is een veelgebruikte behandelingsmogelijkheid, die bestaat uit het masseren van de huid en de spieren door een waterstraal (één tot vier atmosfeer), die gedurende vijf tot twintig minuten onder het wateroppervlak van een bad tegen het lichaam van de patiënt wordt gespoten. De patiënt ligt ontspannen in het lauwwarme water van het bad, waardoor de waterstralen diep in het lichaam kunnen doorwerken. Men begint de behandeling perifeer en gaat via strijkende of roterende waterstraalbewegingen naar de meer centraal gelegen lichaamsdelen. De massage gebeurt meestal met warm water. Indicaties kunnen zijn: ischialgieën, lumbago, contracturen, slappe paresen en adipositas.

Onderwatergymnastiek. Vaak wordt deze behandeling toegepast na onderwaterstraalmassage. Gezien de andere krachtsverhoudingen in het water (zwaartekracht, opwaartse druk, hydrostatische druk) ten opzichte van de lucht kunnen bewegingen in het water gemakkelijker plaatsvinden. Indicaties zijn: bewegingsbeperking, houdingsanomalieën, chronisch pijnlijke gewrichten, luxaties en nabehandeling van fracturen. Er zijn velerlei baden met elk hun indicatiegebied, hoewel een aantal aandoeningen in aanmerking komt voor meer dan één categorie baden. Men onderscheidt: baden zonder geneeskrachtige stoffen; kunstmatige geneeskrachtige baden; natuurlijke geneeskrachtige baden (plaatsgebonden kuurbaden). Eerst zal worden ingegaan op de baden zonder toevoeging van stoffen, dus met voornamelijk thermische werking.

Zitbad. Er zijn verschillende zitbaden, waarbij het water ongeveer tot bij de navel komt: het koude bad, het warme bad, het in temperatuur stijgende bad en het wisselzitbad. Vaak voegt men stoffen toe aan de zitbaden, zoals kamille bij blaasontstekingen en eikenschors bij aambeien.

Voet- en armbaden. Een gezond mens heeft warme handen en voeten. Koude voeten of zweetvoeten wijzen op een gestoorde bloedcirculatie, hetgeen storingen in het lichaam kan geven als hoofdpijn, verstopping, bloedneuzen, enzovoort. Koude voeten of handen kan men behandelen met voet- en armbaden. Ook andere aandoeningen kan men vaak met succes behandelen met voet- of armbaden, zoals slapeloosheid, distorsies, panaritiae, perifere doorbloedingsstoornissen, nerveuze hartkloppingen en angina pectoris. Er zijn vele variaties op de voet- en armbaden. Er zijn koude, warme, hitteopstijgende en wisselbaden. Tot de voetbaden rekent men ook het ‘Wassertreten’. Hiermee wordt bedoeld het wandelen in een laagje koud water (tot een handbreedte onder de knie). Verder het lopen op nat gras en het blootsvoets lopen in vers gevallen sneeuw.

Halve baden en volbaden. Voorbeelden hiervan zijn: het in temperatuur stijgende halfbad, het koude dompelbad, het in temperatuur dalende bad, het indifferente volbad en het warme volbad. Men voegt aan deze baden vrijwel altijd stoffen toe.

Het oververwarmingsbad. Hiervoor zijn ook allerlei andere namen in zwang zoals: Schlenz-behandeling, hyperthermiebad en koortsbad. In het oververwarmingsbad ontstaat eerst een warmtestuwing en daarna komt een warmtetoevoer naar het lichaam tot stand, waardoor de lichaamstemperatuur stijgt. De watertemperatuur is bij aanvang van het bad 35°C, en stijgt daarna elke vijf minuten met 1° tot een maximum van 42°C is bereikt. De duur van de behandeling varieert per therapeut van twintig tot vijfenveertig minuten. Blaas en darm moeten voor de behandeling leeg zijn gemaakt. De patiënt moet ontspannen liggen, zo nodig het hoofd ondersteund. Soms legt men een koud kompres op het hoofd. Men controleert de lichaamstemperatuur (oraal) en de pols (arteria carotis) met regelmatige tussenpozen. Na het baden en vluchtig afdrogen wordt de patiënt in een droge pakking gewikkeld. De indicaties zijn: opvoering van de natuurlijke afweerkracht van het lichaam, reumatische aandoeningen, jicht, Bechterew, poliomyelitis, amyotrofische lateraalsclerose.

Sauna. De sauna geniet de grootste bekendheid in de Scandinavische landen, en in het bijzonder in Finland. Pas na de Tweede Wereldoorlog kreeg de sauna in ons land meer bekendheid. Een sauna bestaat uit een kleedruimte, een doucheruimte, een saunacabine, een afkoelruimte en een rustruimte. De procedure is als volgt: na wassen, douchen en een warm voetbad gaat men de zweetruimte binnen. In de ruimte bevindt zich een oven, verwarmd door hout, gas of elektriciteit waarop dioriet- of peridotietstenen worden verhit. De ruimte wordt op deze wijze tot 90°C verhit. Het is droge lucht, met een vochtigheidspercentage van 10% tot 15%. De ruimte is bekleed met hout en er zijn banken tegen de wanden gemaakt, meestal op drie verschillende hoogten, waarop men kan zitten of liggen. Men kan op de onderste bank beginnen, de meest koele plaats. Afhankelijk van de zweetproductie blijft men korter of langer zitten of liggen. Het is te adviseren niet langer dan acht tot twaalf minuten in dit gedeelte van de sauna te blijven. Na het verlaten van de zweetruimte loopt men rustig naar buiten als dat kan, of anders naar een koude frisseluchtruimte. Daarna spoelt men het zweet af onder een koude waterstraal of koude douche. Vervolgens kan men nog onder een stortdouche of in een dompelbad verder afkoelen. Na een pauze van minimaal vijftien minuten herhaalt men deze procedure nog twee keer. De therapeutische waarde van de sauna ligt niet alleen in de intensieve verwarming van het lichaam, maar vooral in de wisseling van de warme en koude prikkels, die een verandering in de bloedcirculatie in de huid teweegbrengt. De zweetproductie, waarin afvalstoffen van het lichaam worden geloosd, kan 200 tot 2000 gram bedragen. De sterke wisseling van warm en koud is een goede training voor de huidvaten, die reflectoir ook invloed heeft op de inwendige organen. De stofwisselingsprocessen in het lichaam worden door de sauna gestimuleerd en er is een gunstige invloed op het vegetatieve zenuwstelsel.

Het Turkse bad. Het Turkse bad verloopt als volgt: na het uitkleden doet men een doek om het middel en een natte doek om het hoofd. Men gaat naar een ruimte met een temperatuur van 38° of 39°C, opgewekt door hete lucht. Na tien à vijftien minuten gaat men naar een volgende ruimte met een temperatuur van 41° tot 43°C. Hier loopt het zweet in grote hoeveelheden langs het lichaam. Na vijfenveertig minuten gaat men naar een massageruimte, waar de huid wordt geborsteld en geschrobd. Het Russische bad is vergelijkbaar met het Turkse bad, alleen de stoom wordt van buitenaf in de stoomcabine gebracht.

Inhalatie. De inhalatie van stoom, waaraan zout, etherische oliën of kruiden kunnen worden toegevoegd, wordt al eeuwenlang aanbevolen bij aandoeningen van de luchtwegen. Bij kinkhoest moest men de lucht inademen van pas geploegd land, bij tuberculose de lucht van grotten en in Rusland stuurde men mensen met astma naar Siberië om de lucht van zoutmijnen in te ademen. In onze tijd vindt stomen bij verschillende aandoeningen van de luchtwegen, ook in de reguliere geneeskunde, in toenemende mate plaats. Men gaat daartoe met het hoofd boven een bak kokend water zitten en legt een doek over het hoofd. Men ademt op deze wijze de stoom in. Aan het water worden, afhankelijk van de kwaal, bijvoorbeeld tijm, kamille, zout of andere producten toegevoegd. Indicaties zijn onder andere: sinusitis, pseudokroep en vastzittend slijm. Er zal nu verder worden ingegaan op de kunstmatige geneeskrachtige baden. Dit zijn baden waaraan planten, middelen (modder en mineralen) uit de natuurlijke kuurplaatsen en andere stoffen worden toegevoegd.

Het kunstmatige zoutwaterbad. Men voegt voor deze behandeling zout aan het water toe tot een concentratie die maximaal 6% mag bedragen. Over het algemeen gebruikt men volbaden bij 35-37°C. Bij vrouwenziekten worden soms zoute zitbaden gegeven. Na het baden mag men niet afspoelen of douchen, omdat het zout moet blijven zitten. Indicaties kunnen zijn: luchtwegaandoeningen, reumatische klachten, verhoging van de afweerkrachten en positivering van het vegetatieve zenuwstelsel.

Het kunstmatige zwavelbad. Aan het water voegt men zwavel (hepar sulfuris, kalium sulfuratum) toe. Zwavel kan men zelf oplossen of kant-en-klaar kopen. Het volbad heeft een temperatuur van 35-37°C. De kuur telt meestal tien baden van elk ongeveer een kwartier. Ook hier mag na afloop van het bad niet worden gespoeld of gedoucht. De indicaties zijn dezelfde als voor het zoutbad. Alleen huidaandoeningen vormen een extra indicatie bij deze therapie.

Het kunstmatige koolzuurbad. Koolzuur wordt in het water opgelost. De temperatuur van het water is belangrijk in verband met de oplosbaarheid van het koolzuur. Baden van 35-37°C hebben een bloeddrukverlagende werking. Naarmate het water verder onder deze temperatuur daalt, wordt het hart sterker belast. In de huid treedt hyperemie op. Indicaties zijn: huid-doorbloedingsstoornissen, hartspierzwakte, coronaire doorbloedingsstoornissen, ziekte van Raynaud en van M. Bürger.

Het koolzuurgasbad. Dit wordt toegepast bij diabetisch gangreen, ulcus cruris en andere perifere doorbloedingsstoornissen. Het te behandelen lichaamsdeel wordt in een geïsoleerde ruimte met koolzuurgas gebracht. De huid wordt van tevoren vochtig gemaakt, hetgeen de opname van het gas verbetert.

Het zuurstofbad. Dit kan men voorschrijven bij vegetatieve disregulaties, bij nerveuze spanningen en bij arteriosclerose. De fijne zuurstofbelletjes in het water geven een zeer subtiele massage, waardoor het lichaam tot ontspanning komt. Het effect van de kleine belletjes kan ook zonder zuurstof worden verkregen door fijnverdeelde lucht in het water te brengen.

Het kunstmatige modderbad. Gezien de problemen van het transport van modder van de vindplaats naar de plaats van behandeling, heeft men de bestanddelen van modder op kunstmatige wijze verkregen, waardoor de toepassing niet aan geografische grenzen is gebonden. Deze bestanddelen (humuszuren, salicylzuur, etherische oliën) kunnen zowel in vloeibare als in vaste vorm aan het badwater worden toegevoegd. Ondanks de knappe imitatie verdienen natuurlijke modderbaden de voorkeur. Indicaties: reumatische klachten en zuivering van lichaamssappen door zweetsecretie.

Baden met toevoegingen uit het plantenrijk. Al deze baden hebben een werking op de huid. Voorbeelden van dit soort baden zijn: dennennaaldenbad, kruidenbad (haverstro, hooibloemen, rozemarijn, pepermunt, tijm, lavendel, enz.). Klei- en moutbaden zijn goede remedies tegen jeukende aandoeningen en kamillebaden tegen slecht genezende wonden.

Baden met natuurlijke, plaatsgebonden middelen. Tot de natuurlijke geneeskrachtige middelen kan men de geneeskrachtige bronnen, de geneeskrachtige gassen en de peloïden (modder) rekenen. Geneeskrachtige bronnen produceren water dat een genezende werking op de zieke heeft. Bronnen die een hogere temperatuur hebben dan 20°C noemt men ‘thermen’. In het bronwater is een hoge concentratie aan chemische bestanddelen aanwezig. De samenstelling wordt aan regelmatige controles onderworpen. Ook gebruikt men bepaalde soorten bronwater om te drinken en te inhaleren. Vaak gebeurt dit in combinatie met het baden. Van de geneeskrachtige gassen die uit de aardbodem ontstaan, is koolzuurgas het meest bekend. De peloïden zijn eerder in dit hoofdstuk besproken. De meeste natuurlijke baden hebben hun eigen specifieke werking. Zo zijn er kuuroorden met zoutbaden, met zwavelbaden, met modderbaden, met koolzuurbaden en met radio-actieve baden. De werking en de indicaties kan men in grote lijnen terugvinden bij de gelijknamige kunstmatige baden.

Het Stanger-bad. Dit bad is genoemd naar de gebroeders Stanger, leerlooiers te Ulm (± 1900). Dit is het bekendste hydro-elektrische bad. Het is een houten bad waarin elektroden zijn geplaatst. Het water tussen de elektroden geleidt de stroom. Er kunnen verscheidene elektrodenkoppels zijn. De galvanische stroomsterkte varieert van 300 tot maximaal 1200 ampère. Daarbij moet men bedenken, dat slechts eenderde deel van de doorgevoerde stroom door het lichaam gaat, daar water beter geleidt dan het lichaam. Aan het bad worden volgens de methode van Stanger meestal plantaardige stoffen toegevoegd om de werking te verhogen. Bij deze stroomsterkte laat men de patiënt ongeveer een kwartier in het bad liggen, waarna men de stroomsterkte weer langzaam laat dalen. Indicaties voor deze behandeling zijn: doorbloedingsstoornissen, perifere en centrale verlammingen, vegetatieve disregulatie, gynaecologische aandoeningen en reumatische klachten (zie voor andere elektrische baden het hoofdstuk Natuurgeneeskunde).

Thalassotherapie (Grieks: thalasso = zee). Bij deze behandelingsvorm die in kuuroorden en in schoonheidsinstituten wordt toegepast, maakt men gebruik van de therapeutische mogelijkheden die de zee biedt. Zo gebruikt men zeewater, zeesedimenten en algen (het heet dan algentherapie) in de vorm van baden, pakkingen en tabletten. Via een vriesdrogingsproces is er een gereinigd en gefiltreerd zeewater in poedervorm verkrijgbaar. Dit poeder maakt van leidingwater zeewater. Thalassotherapie wordt toegepast bij verschillende huidaandoeningen, bij stress, bij stofwisselingstoornissen en bij vermoeidheid.

Radonbaden. Radon is een gas dat uit aardspleten omhoog komt. Men noemt een dergelijk gas een mofette. Radon heeft radioactieve eigenschappen, aangezien het een product is van thorium, actinium en uranium. Het heeft echter geen schadelijk effect op het lichaam. Men inhaleert het gas. Via huid en longen zou het een pijnstillend effect op het zenuwstelsel teweegbrengen. Het wordt toegepast bij reuma en artrose.

Aqua tilis therapie. Deze behandelingsvorm, ook wel Essaidi-methode genoemd, is gebaseerd op de ideeën van de in Nederland werkzame Essaidi. Hij gaat ervan uit dat ziekten in belangrijk mate worden veroorzaakt door de aanwezigheid van vrije radicalen. Dit zijn atomen of moleculen waarvan een of meer elektronen ongebonden zijn. Deze vrije elektronen zijn altijd op zoek naar een ander ongebonden elektron en kunnen bij die zoektocht veel schade in het lichaam aanrichten. Celbeschadiging door deze vrije radicalen kan het lichaam voorkomen door bescherming met onder andere bepaalde vitaminen. Naarmate het lichaam ouder wordt, kan het zich steeds moeilijker teweerstellen tegen deze vrije radicalen. Ouderdomsverschijnselen zijn hiervan het gevolg. Essaidi heeft nu een methode ontwikkeld waarmee hij deze vrije radicalen kan wegvangen. Hij plaatst daartoe mensen in een cabine waarin de omstandigheden zoals temperatuur, druk, lichtintensiteit en magneetvelden exact regelbaar zijn.

Floating. Floating of drijftherapie is een badvorm, die vooral populair is in Amerika. Men drijft in het pikdonker en in volledige stilte in vijfenveertig centimeter diep, zoutrijk (epsonzout) water. Dit alles gebeurt in een afgesloten cel of tank. De behandeling is in de jaren vijftig ontwikkeld door de Amerikaanse neurofysioloog J.C. Lilly. Floating zou verschillende effecten hebben: stressreductie, toename van creativiteit, concentratievermogen en libido. Bloeddruk, hartfrequentie en pijn zouden afnemen. Floating wordt ook wel gecombineerd met bepaalde vormen van psychotherapie. Kuren kan worden gedaan door gezonde mensen ter ontspanning en ter preventie van ziekten. Therapeutisch kuren wordt toegepast bij met name: spier- en gewrichtsklachten, rug-, nek- en schouderklachten, huidproblemen en pijn en stresd. 



Contact